440. Damesfiets zonder versnellingen

U ontvangt mijn ultrakortverhalen liever in uw mailbox? Stuur ‘Tart mij’ naar info@davidtroch.be

{eventuele overeenkomsten tussen fictie(ve personages) en non-fictie(ve personen) zijn slechts de speling van een droevig lot en een heleboel toevalligheden die de auteur niet in de schrijvershand heeft}

Ik werd Belgisch Kampioen wielrennen op de weg. Op een damesfiets zonder versnellingen. Een laatste wanhopige lendenruk of een niet te beoordelen fotofinish kwamen er niet aan te pas. Mijn laatste twee medevluchters, Philippe Gilbert en Tom Boonen, had ik vijf kilometer voor de meet ter plaatste gelaten, het leek alsof ze op zo’n minifiets zaten van een draaimolen op één of andere kermis, ze kwamen geen meter meer vooruit. Dat zag ik toen ik even achteromkeek vlak nadat ik mijn beslissende versnelling had geplaatst; ik had treiterig naar hen gezwaaid.
Aan de aankomstlijn bestormden een tiental persmuskieten me meteen. Ze wilden het wondere verhaal wel kennen van die nobele onbekende en zijn damesfiets zonder versnellingen. Zonder hun ook maar één woord te gunnen, duwde ik hen, hun microfoons, camera’s en notitieboekjes weg. Een mens wil na zo’n knalprestatie wel even op adem komen. Dat snappen die domkoppen niet.
Eén camerateam begreep de boodschap duidelijk niet en wou van geen ophouden weten. Ze bleven me maar volgen. Had ik de camera niet uit de handen van de nochtans breedgeschouderde cameraman gegrist en tegen de dichtstbijzijnde muur aan gruzelementen gesmeten, ze hadden me wellicht gevolgd tot ik mijn broek naar beneden stroopte bij de dopingcontrole.
Nadat ik het deksel op het potje met mijn urine had geschroefd, kwam iemand van de organisatie op me toe, blijkbaar om mij naar het podium te begeleiden zodat een hoogwaardigheidsbekleder een gouden medaille om mijn nek kon hangen, maar ik nam hem voor een journalist en sloeg hem tegen de vlakte.
Ik had er schoon genoeg van, van al dat opdringerig gedoe.
Het Belgische volkslied kon me worst wezen, jammer van de bloemenmeisjes, dat wel, en ik sprong weer op mijn damesfiets zonder versnellingen, gezwind, fris als een hoentje, alsof ik zonet gewoon naar de bakker in het dorp om sandwiches en pistolets was gefietst in plaats van ruim tweehonderd kilometer als een gek op de pedalen te hebben getrapt.
Al die aandacht, het was niks voor mij. Het was al erg genoeg dat morgen foto’s van mijn overwinning op alle voorpagina’s zouden staan. Ik zou nergens meer kunnen komen. Iedereen zou mij herkennen, schouderklopjes geven, handtekeningen vragen en mij uitkafferen omdat ik hun wieleridolen compleet belachelijk had gemaakt.
Onderweg naar huis groeide er al een plannetje in mijn hoofd. Eens thuis stopte ik snel het hoogstnoodzakelijke in een rugzak, sloot mijn voordeur en sprong alweer op mijn damesfiets zonder versnellingen en fietste richting Lapland. Daar had ik altijd al eens naartoe willen gaan.

Advertenties

Over davidtroch

man van het woord | meneertje literatuur bij WISPER | Gents stadsdichter op rust
Dit bericht werd geplaatst in ultrakort. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s