Champignonsaus

Je draagt een jeans. Dat is jaren geleden. Waarom heb je geen kostuumbroek aangetrokken? Je zit godbetert op restaurant. Daar moet je goed gekleed gaan. Schooiers zijn geen spek voor de bek van de serveerster die met je eten komt aandraven. Ze houdt je bord scheef als ze het neerzet. Een kwak champignonsaus valt precies in je kruis. De serveerster excuseert zich. Ze neemt je servet en valt er meteen je jeans mee aan. Je kijkt naar haar handen. ‘Wat een lange vingers,’ denk je. ‘Doe een beetje voorzichtig,’ zeg je, ‘dat is mijn vrouw daar.’ Je vrouw glimlacht schaapachtig.

Advertenties

Over davidtroch

man van het woord | meneertje literatuur bij WISPER | Gents stadsdichter op rust
Dit bericht werd geplaatst in Honderduit, proza. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s