Lakschoentjes

‘Dodelijk. Normaal draag ik geen schoenen met hakjes,’ zegt ze. Je kijkt naar de bruine lakschoentjes. ‘Jammer,’ denk je. ‘Elegant,’ denk je. ‘Wil je een voetmassage?’ vraag je. Ze schopt haar linkerschoen uit. Ze schopt haar rechterschoen uit. Ze legt haar voeten in je schoot. ‘Ga je gang,’ zegt ze. Je begint zachtjes haar rechtervoet te kneden. ‘Heerlijk. Waar heb je dat geleerd?’ vraagt ze. ‘Misschien ben ik wel een natuurtalent,’ opper je. Ze lacht. Jullie lachen en grollen. Het is eeuwen geleden dat je zo gelachen en gegrold hebt. Zonet stonden jullie nog als twee onbekenden op het perron.

Advertenties

Over davidtroch

man van het woord | meneertje literatuur bij WISPER | Gents stadsdichter op rust
Dit bericht werd geplaatst in Honderduit, proza. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s