Sleutel

‘Dit is een sleutel,’ zegt ze. ‘Dat zie ik,’ zeg je. ‘Dit is een sleutel,’ zegt ze weer, ‘die past op een slot.’ ‘Dat doen sleutels meestal,’ zeg je. ‘De sleutel past op een slot ergens in deze stad,’ zegt ze. ‘Welk slot?’ vraag je. ‘Dat is nu net wat jij moet raden,’ zegt ze. ‘Raden,’ herhaal je. ‘Waarom?’ ‘Dat merk je wel eens je het slot hebt ontdekt,’ zegt ze. Ze geeft je de sleutel. Die is echt mini. ‘Het is een grote stad,’ zeg je. ‘Er is vast geen slot. Je wil dat ik je hart open. Toch?’

Advertenties

Over davidtroch

man van het woord | meneertje literatuur bij WISPER | Gents stadsdichter op rust
Dit bericht werd geplaatst in Honderduit, proza. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s