het

omdat het te groot is, tillen we het boven het hoofd,
gooien het neer. het ploft dof in het zand, zit daar
te meesmuilen, veert kwiek op en bespringt ons
in een poging ons in het zand te duwen.

het kost krachten overeind te blijven, het opnieuw
boven het hoofd te tillen en neer te gooien.

nog voor we rechtsomkeer maken,
springt het ons alweer in de nek.

het stribbelt tegen als we het loswrikken,
het boven het hoofd tillen, het neergooien.

we vallen er met ons volle gewicht bovenop
in een poging het klein te krijgen. je bent te groot,
fezelen we, alsof het daar oor naar heeft. het werkt
zich soepel onder ons uit. we bijten in het zand.

Advertenties

Over davidtroch

man van het woord | meneertje literatuur bij WISPER | Gents stadsdichter op rust
Dit bericht werd geplaatst in gedicht. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s