499. De man die uit elkaar aan het vallen was

De man die uit elkaar aan het vallen was, was altijd een man uit een stuk geweest. De wetenschap stond voor een raadsel. De wetenschap stelde zich de vragen die de wetenschap zich stelt om raadsels op te lossen. De centrale vraag daarbij was: Hoe en waarom en wanneer waren de eerste barsten ontstaan in de man die uit elkaar aan het vallen was? De wetenschap trachtte die vraag met andere vragen te beantwoorden. Zoals.
Had hij zijn voedselpatroon veranderd? Nee, dat had hij niet.
Vertoonde hij tandafdrukken van een hond, een teek of een mug? Nee, van tandafdrukken geen spoor.
Was er een baksteen, een boekenkast of een bijdehante tante op zijn hoofd ter pletter gestort? Nee, zijn schedel vertoonde daar geen enkele af- noch indruk van.
Het was trouwens nog niet eenvoudig om dat op te maken uit die schedel, want ook die was al behoorlijk uit elkaar aan het vallen. De wetenschap bleef maar voor het raadsel staan waarvoor het stond.
Tot een jonge, ambitieuze wetenschapper op de proppen kwam en het waagde de vraag te stellen of de man die uit elkaar aan het vallen was niet al altijd uit elkaar aan het vallen was geweest en ergo nooit een man uit een stuk was geweest, zoals algemeen voor waar werd aangenomen. Zijn vraag was de stok in het hoenderhok.
De wetenschap schilderde de jonge, ambitieuze wetenschapper eerst af als jonge, ambitieuze wetenschapper, tot een wetenschapper die uitkeek naar zijn brugpensioen de anderen er met een behoorlijk omslachtige uiteenzetting aan herinnerde dat ze met zijn allen ooit jonge, ambitieuze wetenschappers waren geweest en dat de wetenschap nu staat waar ze staat dankzij die jeugdigheid en ambitie. De hele wetenschap gromde. Verdraaid. Als dat waar bleek te zijn, dan was de wetenschap nog niet klaar met de man die uit elkaar aan het vallen was. Het is te zeggen, met de man die beweerde uit elkaar aan het vallen te zijn.
Met vernieuwde energie startte de wetenschap het onderzoek opnieuw op. De wetenschap beet zich letterlijk vast in de man die uit elkaar aan het vallen was, met als enig resultaat dat de man die uit elkaar aan het vallen was steeds sneller uit elkaar begon te vallen. Het uit elkaar vallen gebeurde zo snel dat hij in geen tijd verpulverde tot een man die er helemaal niet meer was.
Zo komt het dat de wetenschap het raadsel van de man die uit elkaar aan het vallen was nooit heeft opgelost, wat de wetenschap maar niet krijgt verwerkt. De wetenschap is niet op het idee gekomen om van de jonge, ambitieuze wetenschapper die de stok in het hoenderhok gooide, een man die uit elkaar aan het vallen is te maken.

Advertenties

Over davidtroch

man van het woord | meneertje literatuur bij WISPER | Gents stadsdichter op rust
Dit bericht werd geplaatst in proza, ultrakort. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s