Beweging #52

Het is niet te koud om het kalm aan te doen. Het is niet te koud om meteen – rustig, rustig – gelijke tred met een aantal roeiers op de Leie te houden. Het is niet te koud om door het bos te rennen, al kraakt er al eens ijs onder je schoenzolen. Het is niet te koud voor de spieren, de voeten, de handen, de hals, de oren, het hoofd, het hart. Het is niet te koud om een glimlach te ontvangen en een even grote glimlach cadeau te geven. Het is niet te koud om het uur vol te maken. Het is niet te koud om die jogger daar in te halen, en dan die joggers daar, en dan. Het is nooit te koud om de pijngrens op te zoeken. Het is niet te koud om te denken dat je het nog altijd kalm aan aan het doen bent. Het is niet te koud om na twee uur een kleine hongerklop te negeren. Het is niet te koud om in gedachten te verzinken. Het is echt niet te koud om de pijngrens te doorbreken. Het is niet te koud om gezwind een vallende tak te ontwijken – was dat een eekhoorn die ermee naar je hoofd slingerde? Het is niet te koud om de drie uur net niet vol te maken en het na bijna vijfendertig kilometer voor bekeken te houden. Het is heus niet te koud voor een warm, warm bad. Waar zou het wel te koud voor zijn? 

Advertentie

Over davidtroch

man van het woord
Dit bericht werd geplaatst in Beweging, proza, ultrakort. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s